Energietransitie voor Brabanders met een smalle beurs

De energietransitie is een zaak van ons allemaal. Of het nu om koop-, vrije sector- of sociale huurwoningen gaat, in alle gevallen wordt een actieve rol van de bewoners zelf verwacht. Maar dat is niet voor iedereen gemakkelijk of vanzelfsprekend. Want wat als je de financiële middelen niet hebt om duurzame maatregelen te nemen? Binnen de pilot Energie voor Iedereen werken we aan nieuwe mogelijkheden om huishoudens met geen of beperkte investeringsmogelijkheden bij de energietransitie te betrekken.

Het gaat om huishoudens die moeite hebben met het betalen van de energierekening. Huishoudens, voor wie het door een combinatie van factoren – zoals een laag inkomen, weinig bestedingsruimte, hoge energieprijzen, een slecht geïsoleerde woning, verouderde apparatuur - moeilijk(er) wordt om gebruik te maken van betaalbare, betrouwbare en veilige energiediensten. Waarom dat zowel op het niveau van individuele huishoudens, als voor het behalen van de doelstellingen uit het Klimaatakkoord problematisch is, wordt uitgelegd in het volgende filmpje.



Energie voor Iedereen

De pilot Energie voor Iedereen is een samenwerking tussen het provinciale programma Versterken Sociale Veerkracht, het provinciale programma Energie / onderdeel sociale innovatie, Enpuls B.V. en de gemeenten Bernheze, Breda, ’s-Hertogenbosch en Tilburg. Deze samenwerkingspartners hebben zich, in aansluiting op pilotprojecten van en binnen de gemeenten, verenigd in een Community of Practice (CoP). De centrale vraag daarbij is ‘Hoe nemen we ook huishoudens met geen of beperkte investeringsmogelijkheden mee in de energietransitie?’. Het doel van de gemeentelijke projecten is het leren van innovatieve aanpakken van energie­armoede om vervolgens nieuwe producten, diensten en werkwijzen op te leveren. Daarnaast heeft de CoP het doel om samenwerkingsverbanden en kennisdeling te stimuleren zodat succesvolle aanpakken breder toegepast kunnen worden.


De energiearmoede problematiek speelt voor een belangrijk deel nog op onontgonnen terrein. De aanpak hiervan vraagt om maatwerk in aansluiting op de leefwereld van burgers, waar emoties ertoe doen en vertrouwen een belangrijke rol speelt. Het vraagt ook om organisatorische inbedding van de energietransitie in het sociaal domein. En het vereist samen- en medewerking van veel verschillende partijen. Hierbij kun je denken aan energiebedrijven, netbeheerders, woningcorporaties, financiers, lokale gemeenschappen én bewoners.

Binnen de vier gemeentelijke pilotprojecten werken lokale partijen samen aan het vormgeven en testen van innovatieve aanpakken. Dit gebeurt met inzet van expertise vanuit zowel het sociaal domein als vanuit energie en in co-creatie met bewoners als de ervaringsdeskundigen. Daarbij worden social design methodieken toegepast onder begeleiding van social designers van stichting ZET.


Monitoring

Het PON heeft mede aan de wieg gestaan van de pilot EVI en monitort de gemeentelijke projecten. We brengen werkzame elementen en succes- en faalfactoren in beeld en vertalen die in een meer generiek plan van aanpak. De 'lessons learned' worden ingebracht bij en gedeeld met diverse colleges die zich bezighouden met de totstandkoming van de Regionale Energie Strategieën en wijkprocessen Aardgasvrij. De pilotprojecten vormen de ‘living labs’ voor energie governance innovaties, in relatie tot het voorkomen van energiearmoede. Zij leveren kennis over financiële, juridische, organisatorische en/of sociale/maatschappelijke aspecten, die bij deze sturingsvraagstukken een rol spelen.


Meer weten?

Neem contact op met Susanne Agterbosch of Madelon van Duren. Voor meer achtergrondinformatie over de pilot kunt u ook terecht op de EnergiewerkplaatsBrabant: EnergiewerkplaatsBrabant - pilot Energie voor Iedereen.