Winnaars en verliezers

De coronacrisis heeft flinke impact op ons allemaal gehad. Op de een nog meer dan op de ander. Patrick Vermeulen blikt terug op het afgelopen jaar en kijkt vooruit.

Sinds 2020 hebben we er een bijzonder onderzoeksonderwerp bij. Inmiddels is de 6e ‘Brabantse monitor maatschappelijke impact coronavirus’ gepubliceerd, waardoor we een fascinerend beeld krijgen van wat Brabanders in hoge mate bezig houdt sinds maart (vorig jaar rond deze tijd was ik in ieder geval bezig met heel andere dingen, zoals het samengaan van Het PON en Telos). Zo’n 2000 Brabanders vullen iedere meting de vragen in, zodat we het provinciebestuur en de veiligheidsregio’s een goed beeld kunnen geven van wat speelt. En wat daarin in de loop van het jaar is veranderd. Onder andere over hoe het met mensen gaat, wat ze vinden van en doen met adviezen en maatregelen en waar ze zich zorgen over maken. Er valt veel over te zeggen. Het is in ieder geval duidelijk dat deze crisis winnaars en verliezers kent.

Er valt veel over te zeggen. Het is in ieder geval duidelijk dat deze crisis winnaars en verliezers kent

Er zijn veel mensen ziek geworden. Soms met milde klachten, soms ernstig en met blijvend gezondheidsverlies. In Brabant alleen al zijn vorig jaar volgens het RIVM 2.400 (!) personen overleden (die positief getest waren – waarschijnlijk ligt het aantal nog hoger). Velen zijn dierbaren verloren. In april sprak ik een burgemeester uit een zwaar getroffen gebied. Zij belde families die getroffen waren om hen tot steun te zijn. Het werd een dagtaak. De impact op de gemeenschap was enorm. Iedereen kende wel iemand dichtbij die ernstig ziek werd of zelfs overleed. En de pijn van de gedwongen fysieke afstand – juist op zo’n existentieel moment – is zelfs via beeldschermen voelbaar. Dat verbond dan weer wel, maar voor velen zal de echte rouw nog komen.

De verliezers

In zijn algemeenheid zijn de verliezers van deze pandemie: zij die het al moeilijk hadden. Waarvan een belangrijk deel zich daar vooraf niet echt bewust van was. De crisis heeft opnieuw duidelijk gemaakt dat zzp’ers en zij die werkzaam zijn in bijvoorbeeld de culturele sector, kwetsbaar zijn. Dat wisten we al (zie bijvoorbeeld de rapporten van de WRR en van de Commissie Borstlap, maar we liepen er aan voorbij. In hoogconjunctuur worden structurele problemen soms verbloemd. Mensen in praktische beroepen hebben het ook nu weer moeilijk (want thuiswerk is vaak geen optie), evenals de horeca, de reisbranche, taxichauffeurs, sportschoolhouders, et cetera. Jongeren ervaren de crisis als zwaar. Ouderen ook. Eenzaamheid neemt toe en de mentale gezondheid staat onder druk. Het RIVM liet zien dat een derde van de Nederlandersmeer stress en of angst ervaart.

De winnaars

Winnaars zijn er natuurlijk ook. Alles wat met thuis te maken heeft zet een flinke stap voorwaarts: thuiswerken, thuisbezorging, thuis kijken… Als je je vaste baan houdt gaat het inkomen door en hou je misschien geld over door minder uitgaven. De digitale emancipatie – vooral bij ouderen (!) – heeft een enorme vlucht gekregen en we genieten (soms) van nieuwe rust en verdieping van persoonlijke relaties in kleine kring. Al nemen soms spanningen daardoor juist ook toe.

In het publieke domein is er een toegenomen samenwerking tussen organisaties, die nieuwe perspectieven biedt voor de toekomst. Van planbureaus tot zorginstellingen. Bijzonder is ook de (her)waardering van het publieke domein, in het bijzonder het onderwijs en natuurlijk de zorg. Het besef neemt toe dat de participatiesamenleving ondersteuning behoeft. Zeker voor kwetsbaren. Zoals ik eerder schreef in ‘Vertrouwen in veerkracht’ (2017): “Tegelijkertijd komt in onze onderzoeken van de afgelopen jaren een boodschap vrijwel continu terug: burgers willen (meer) ruimte en vrijheid om eigen initiatief te ontwikkelen, maar willen ook dat de overheid hen helpt.” Loslaten kan, laten vallen niet.

“Als de huidige crisis iets heeft duidelijk gemaakt is dat gezondheid vele aspecten kent die samenhangen”

Brede welvaart als uitgangspunt voor herstel

We kijken inmiddels voorzichtig vooruit. Het inentingsschema voor Nederland is gisteren gepubliceerd, met hopelijk een prachtige zomer in het verschiet. En wat doen we dan? Wat wordt ons ‘nieuwe normaal’? Al voor de zomer benoemden het Sociaal en Cultureel Planbureau, het Planbureau voor de Leefomgeving en het Centraal Planbureau, samen met het RIVM, belangrijke aandachtspunten voor een herstelbeleid. Als de huidige crisis iets heeft duidelijk gemaakt is dat gezondheid vele aspecten kent die samenhangen. Er zal meer aandacht nodig zijn voor integrale preventie (leefstijl, leefomgeving, sociale problemen). We zullen überhaupt meer rekening moeten houden met chronische en infectieziekten. En gezondheid, werk & arbeid, onderwijs, fysieke leefomgeving en sociale zekerheid hangen samen.

Om die reden adviseren zij ‘brede welvaart’ als uitgangspunt te hanteren voor (herstel)beleid en perspectief. De te verwachten aandacht die nu uitgaat naar economie en gezondheid, zou niet tot mindere aandacht moeten leiden op andere dimensies van brede welvaart zoals: welzijn, arbeid en vrije tijd (en de balans daartussen), wonen, vertrouwen en participatie, veiligheid en veiligheidsgevoel en milieu. Het zou goed zijn als er een nieuwe en betere balans wordt gevonden in de domeinen (kapitalen) economie, sociaal en milieu.

Het benoemen van deze richting is belangrijk, maar er is nog veel te doen. Welke balans wordt gevonden is in hoge mate afhankelijk van politieke keuzes. En voor veel mensen staan politiek en die keuzes ver van hun bed. Ruim 1 miljoen mensen leven in Nederland onder de armoedegrens. Voor hen voelt ‘brede welvaart’ als een ‘boterham met tevredenheid’. Eerst maar eens een boterham met beleg op de plank. En liever niet uit de liefdadigheid van de voedselbank. Meer algemeen geldt dat het vertrouwen in instanties onder druk staat – al schommelen de rapportcijfers nu op en neer. Wie doet (nog) mee? En wat betekent duurzame ontwikkeling bijvoorbeeld voor de eigen omgeving?

Het is leuk om te zien dat veel van waar we de afgelopen jaren over schreven volop in het nieuws is. Of het nu gaat over de veranderende rol van de overheid, de duurzame ontwikkeling van gemeenten, energiearmoede, of veerkracht. Binnenkort komt over dat laatste onderwerp een nieuwe monitor voor Brabant uit met data die verzameld is op het moment dat veerkracht hard nodig was. We staan met onze onderzoeken midden in de samenleving en hebben het gevoel bij te dragen aan het geïnformeerde gesprek. En dat voelt goed. We beschouwen het immers als onze opdracht om besluitvorming over maatschappelijke vraagstukken te verbeteren. Met kennis uit wetenschap en praktijk.

“Wat 2021 ons gaat brengen? Geen idee”

Wat 2021 ons gaat brengen? Geen idee. We hebben een nieuw logo, nieuwe collega’s, mooie plannen en we gaan gewoon weer aan de slag. Maar als 2020 ons iets heeft laten zien, is dat we bewegen tussen betrokkenheid, berusting en maakbaarheid. Misschien gaan we wel naar een nieuw normaal, of zelfs een iets aangepaste moraal. Waarin het niet alleen gaat om het verwerven van een ‘goed leventje’, maar om goed leven: een duidelijke verbreding van ons welvaartsbegrip. Met meer zorg voor onze aarde en de mensen om ons heen. Met minder vanzelfsprekendheid en meer waardering voor wat er is. Met minder afstand en meer contact.

Ik wens je namens ons team in ieder geval een waardevol nieuw jaar.

Patrick